OudWeb-log & MOZAÏEK - voorbije toekomst



dinsdag 13 januari 2015
verhalen | vliegende vorsten middeleeuwen frankrijk | moissac fabelwezens | griffioen egypte 

de vliegende alexander



Het verhaal van de vliegende Alexander ......

 

Toen Alexander de Grote in 323 vC stierf – hij was toen begin dertig – had hij een gigantisch rijk bij elkaar veroverd. Zoals dat bij helden gaat, werden spoedig na zijn dood aan zijn leven en acties bovenmenselijke proporties toegedicht. Deze verhalen werden mondeling generatie op generatie doorverteld en later verzameld in de Griekse Alexanderroman, die waarschijnlijk in de derde eeuw nC in Alexandrië werd samengesteld en later nog uitgebreid. In deze roman lezen we hoe Alexander in een brief aan zijn moeder Olympias schreef dat hij de hemel wilde verkennen.

Alexander beval zijn soldaten twee reusachtige witte vogels te vangen en drie dagen lang geen eten te geven, zodat ze erg hongerig zouden worden. Intussen liet hij een soort houten juk maken en een mand van ossenhuid. Hij beschreef zijn moeder hoe hij na drie dagen plaatsnam in de mand verbonden aan het juk dat vastzat rond de vogelnekken. Hij stak een speer met paardelever de lucht in en de hongerige vogels vlogen naar het eten, naar boven. De mand inclusief Alexander waren via het juk aan de vogels verbonden, dus ook Alexander ging de lucht in ... met de lekkere hapjes gestoken aan zijn speer!

Steeds hoger vlogen de witte vogels en Alexander kreeg het koud. Toen kwam een vliegend wezen hem tegemoet en deze berispte de held."Je begrijpt de dingen op aarde al niet, wat heb je dan in de hemel te zoeken? Ga terug!" Alexander keek naar beneden en zag tot zijn grote schrik een grote opgerolde slang rond een klein oppervlak en het wezen zei: "die middenkring is de aarde en die slang is de zee; richt je speer naar de aarde". En op het moment dat Alexander zijn speer met vlees naar beneden richtte, vlogen de vogels – nog steeds hongerig – terug naar de aarde, waar Alexander uitgeput en halfdood aankwam. Hij eindigde de brief aan zijn moeder met het goede voornemen "nooit meer het onmogelijke te proberen. Vaarwel!"

Deze twee scènes zijn in Moissac op één hoekkapiteel verbeeld: Alexander met de aasstokken naar boven (bovenin) en naar beneden (onderste afbeelding). Hoewel alle figuren geen kop meer hebben en de uitstekende arm-gedeelten zijn verdwenen, zijn Alexander's lichaam, touwen en vogel-vleugels goed zichtbaar.
Er is een verschil tussen tekst en afbeelding. Is er in de tekst sprake van één speer met vlees, in de Moissac kapiteel-versie (rond 1100) en alle andere middeleeuwse afbeeldingen houdt Alexander minimaal twee aasstokken op.

beeld & woord © conens & van wiechen