studiedag: seljuken van rum & beyliks

 

beschikbaar van
zaterdag 22 augustus tot en met 5 september

 

In het Anatolië van de Seljuken kwamen veel verschillende invloeden bij elkaar. Tradities en gewoonten uit hun 'eigen' Centraal-Aziatische bron, vermengd met Perzische en Arabische (islamitische) elementen die in Anatolië werden verrijkt met daar aanwezige tradities (Armeense, Byzantijnse, Koerdische). Men sprak verschillende Turkse dialecten, maar Perzisch en Arabisch waren de officiële talen. Uiteraard aandacht voor de bouw van moskeeën, medressen, karavanserais, grafmonumenten en paleizen in Konya, Kayseri etc.

Het einde van de macht der Rum-Seljuken betekende in midden- en W-Anatolië een machtsvacuüm dat door andere (nieuwe) Turkse en Turkmeense groepen werd opgevuld. Er ontstonden ongeveer veertien kleine moslim rijkjes - de zgn. beyliks of emiraten - die met elkaar probeerden te overleven, maar elkaar bij tijd en wijle ook militair bestreden.

Ibn Battuta beschreef in het begin van de 14e eeuw een Babylonische spraakverwarring in Anatolië: "Wij spraken de opzichter aan in het Arabisch, maar dat verstond hij niet. Hij praatte in het Turks terug, maar dat verstonden wij niet. Ten slotte zei hij tegen iemand: 'Haal de wetgeleerde, want die spreekt Arabisch'. De wetgeleerde kwam en sprak Perzisch tegen ons.
Wij antwoordden hem in het Arabisch, maar hij verstond er niets van"
.