OudWeb-log & MOZAÏEK - voorbije toekomst



donderdag 26 maart 2015
spanje | romeinen spanje | (kelt)iberiërs literatuur don quijote 

numantia bleef herinnerd



 

Romeinen schreven over de heldhaftige ondergang van Numantia, de stad die verwoest werd en waarvan de meeste inwoners de dood verkozen boven slavernij. Romeinen bleven over dat oude, verwoeste Numantia schrijven, ook toen er ten tijde van keizer Augustus op de oude plek een nieuwe Romeinse stad ontstond. Oude straten werden aangehouden, maar de huizen waren van het Romeinse type: rechthoekige ruimten gegroepeerd rondom een centrale open hof.
In de vroege vijfde eeuw, de periode dat Germaanse stammen voor onrust zorgden, werd de stad verlaten en raakte langzaam maar zeker vergeten in de mist van het verleden.

In de jaren tachtig van de zestiende eeuw schreef de geestelijke vader van Don Quijote & Sancho Panza – mijn favoriet – een toneelstuk in vier bedrijven: La Numancia.
Allereerst staan de Romeinen op het toneel. Scipio disciplineert zijn soldaten en vertelt dat hij de stad wil isoleren, zodat de inwoners zich wel over moeten geven.
De personificatie van Castilla prijst de moed van de Numantijnen en die van de Duero vertelt dat het het noodlot is van Numantia om verslagen te worden, maar ooit in de toekomst zal Spanje heel groot zijn.
In het tweede bedrijf laat Cervantes de Numantijnen aan het woord. De voortekenen zijn slecht, maar goede soldaten laten zich leiden door hun moed en niet door voortekenen!
Twee Numantijnen – Caravino en Teógenes – prefereren in het derde bedrijf de dood door strijd boven hongerdood in de stad. Maar Numantijnse vrouwen smeken hen te blijven ter verdediging. Lira vertelt haar geliefde Marandro dat haar moeder en broer al van honger zijn gestorven. Marandro wil wat brood voor haar zien te bemachtigen en met een vriend probeert hij het Romeinse kamp te bereiken.
In het laatste bedrijf hoort Scipio dat twee Numantijnen in het Romeinse kampement enkele soldaten hebben gedood. Een van de indringers is gedood, maar de tweede wist zwaargewond te ontkomen. Marandro bereikt – inderdaad zwaargewond – Numantia, geeft het brood aan zijn geliefde Lira en sterft in haar armen. De Numantijnen steken hun kostbaarheden in brand en plegen zelfmoord. Als Scipio de stad binnentrekt en nergens meer een levende ziel aantreft, vreest hij dat er in zijn triomftocht geen overwonnen Numantijnen zullen meelopen.
Er blijkt toch nog één Numantijn in leven: de jonge Bariato die zich in een toren heeft verschanst. Maar als Bariato liever van de toren springt dan zich over te geven aan de vijand, geeft Scipio toe dat Numantia hem – in zijn overwinning – heeft verslagen.
De personificatie van Faam zegt dat Numantia altijd het symbool zal zijn
van dapperheid & moed!

Een toneelstuk over vrijheidsliefde dat – al dan niet sterk aangepast – werd opgevoerd tijdens het beleg van Zaragoza (achttiende eeuw), in de Spaanse burgeroorlog (aan beide kanten!) en zelfs in het vroege communistische Rusland als voorbeeld van verzet tegen het kapitalisme.

Het heldhaftige verzet en de moed van de Keltiberische Numantijnen is altijd in de herinnering gebleven, maar waar lág Numantia?
Morgen over de herontdekking van de stad!

beeld & woord © conens & van wiechen