OudWeb-log & MOZAÏEK - voorbije toekomst



vrijdag 15 mei 2015
pelgrims & reizigers middeleeuwen israël & palestijnse geb | jeruzalem fabelwezens | griffioen 

van rond naar achtkant



 

Arculf was rond 680 in Jeruzalem en beschreef de hemelvaartkerk. Veertig jaar later kwam Willibald en hij vertelde dat de kerk geen dak had en dat in het centrum een vierkant bronzen hek stond. In het midden daarvan brandde een kaars in een lantaarntje. Maar het meest merkwaardige dat Willibald opmerkte waren twee zuilen, één in het noorden en één in het zuiden die heel dicht tegen een muur stonden. Want hij voegde eraan toe: "van iedereen die zich tussen de zuil en de muur kan wurmen, worden de zonden vergeven". We staan voor een raadsel. Stonden in Willibald's tijd nog slechts twee zuilen overeind?

Na Willibald zijn er amper gegevens over de hemelvaartkerk. Wel werd het 'stof' waarin Jezus' laatste voetafdrukken stonden vanaf de achtste eeuw beschreven als een "steen".

Toen de kruisvaarders Jeruzalem veroverden (1099) moet het in ieder geval ruïneus zijn geweest, want restauraties waren noodzakelijk. De nieuwe open, achtkante kerk had in het centrum het achtkante gebouwtje – toen zonder koepel – dat nu nog zichtbaar is (afb. linksboven).

Prachtige kapitelen met verschillende blad-motieven of griffioenen sieren de zuilen. Vergeleken met andere kruisvaarderskerken in Jeruzalem zijn deze kapitelen waarschijnlijk rond 1140 gemaakt door een Jeruzalem-atelier dat sterk beïnvloed werd door west-Franse romaanse beeldhouwkunst. Wellicht dat de beeldhouwers daar vandaan kwamen.  

Nadat Saladin Jeruzalem in 1187 had veroverd, gaf hij de hemelvaartkerk aan twee vrome moslims en één van Jezus' voetafdrukken werd verwijderd en in de Aqsa-moskee geplaatst.

Een pelgrim in het midden van de vijftiende eeuw meldde dat het gebouw "redelijk groot" was en dat er "geen dak of gewelf op is, want de heidenen hebben dat afgebroken". Die laatste opmerking klopt niet (want de kerk was altijd open, dus zonder dak), maar wel is duidelijk dat de huidige koepel daarna werd gebouwd (waarschijnlijk eind vijftiende of zestiende eeuw).

Binnen branden nu nog enkele kaarsen bij de één voetafdruk-steen en is de gebedsnis (mihrab) te zien. In begin zeventiende eeuw werd ernaast een moskeetje met minaret (afb. rechtsboven) gebouwd.

beeld & woord © conens & van wiechen