lezing: pelgrims onderweg in italië

verhalen langs italiaanse pelgrimsroutes  
  

 

Rond 1200 werden twee kerken voorzien van intrigerend beeldhouwwerk: de San Domninus (Domnino, Donnino) in Fidenza aan de Via Francigena en de eenvoudige kloosterkerk Santa Maria della Strada langs de pelgrimsroute naar de heilige Michaël in Monte Gargano en de heilige Nicolaas in Bari.

Misschien was de middeleeuwer in onze ogen een naïeve gelovige of een religieus dweper, maar hij had in zijn tijd weinig of geen zekerheden, behalve dan het toekomstvisioen van een paradijselijk leven na de dood én de hulp en bijstand die van Maria en de heiligen verwacht kon worden. Onderweg hoorde hij de legenden van heiligen, opbeurende verhalen over heiligen die pelgrims op miraculeuze wijze uit beroerde situaties hielpen. Ook de verhalen van koningen en helden werden steeds vaker doorverteld en opgeschreven. In Santiago de Compostela werd in de twaalfde eeuw het Liber Sancti Jacobi (Het boek van de heilige Jacobus) samengesteld. Daarin werden o.a. legenden van de heilige en een pelgrimsgids met nuttige wenken en hymnen ter ere van Jacobus opgenomen. Een ander onderdeel van dit Liber betrof de activiteiten van Karel de Grote en de aangrijpende geschiedenis van Roelant (Roland, Roeland, Orlando), paladijn van de keizer. Behalve Roelant waren er nog veel meer helden die pelgrims kenden. Helden met prachtige namen zoals Fioravante en Attaviano.

Onderweg hoorde en zag de pelgrim niet alleen legenden van heiligen, ook de meeslepende verhalen van koningen en populaire helden werden doorverteld, opgeschreven en in steen vereeuwigd.

In deze lezing aandacht voor de verhalen die de langskomende pelgrims rond 1200 hoorden én zagen in Fidenza en Santa Maria della Strada.