OudWeb-log & MOZAÏEK - voorbije toekomst



donderdag 31 augustus 2017
italië | etrusken 

het 'grasveld' & de archeoloog



Marzabotto, een Etruskische stad in Noord-Italië

 

Heerlijk struinen over ruïnes. Proberen de draad van het verleden op te pakken. De uitgesleten straatstenen, de ondeugende graffito die wonderwel twee millennia heeft overleefd, dat kleine stukje vloermozaïek dat nog net te zien is of die majestueuze stadspoort .... in alle geuren en kleuren en uit alle tijden heb ik ruïnes belopen .... steden, kerken, necropolen, kloosters. Al die ruïnes, ook de jongste (herinnering aan de Spaanse burgeroorlog of aan een aardbeving op Sicilië), geven mij datzelfde gevoel: ontdekking, verrassing, verwondering én dat lijntje met het verleden.

De meest minimalistische ruïne is wel die van Marzabotto, vlakbij Bologna (Italië), aan de rivier de Reno. Deze Etruskische stad die Misa (?) of waarschijnlijker Kainua heette, dat waarschijnlijk zoiets als Nieuwstad betekent, werd in de zesde eeuw vC gesticht toen de Etrusken vanuit hun kerngebied tussen Arno en Tiber hun macht uitbreidden naar het noorden.

Allereerst woonde men in eenvoudige hutten. Een eeuw later (vijfde eeuw vC) bloeide de stad, die toen bestond uit elkaar loodrecht kruisende straten met rechthoekige huizen. Deze huizen –  met open hof en afwatering – waren gebouwd van vergankelijk materiaal, maar wel op een stevig fundament van kiezelstenen. Alleen dat fundament is gebleven. En zo ziet Marzabotto er nu uit: een groen grasveld met rechthoekige huisplattegronden. Iets buiten het stadscentrum, op de acropolis, stonden enkele tempels en altaren.

Daar is duidelijk te zien hoe deze belangrijke bouwwerken geconstrueerd werden: op een stenen kiezelfundament is het grootste deel van het gebouw opgetrokken uit vergankelijk materiaal, maar de onderste bouwlagen waren nog wél van steen met een prachtig geprononceerd profiel.

Bijzonder ..... op de kruising van de belangrijkste straten werden stichtingsstenen gevonden. De stenen waarin Etruskische priesters – uiteraard na raadpleging van de goden – door middel van een groot kruis de richting der straten aangaven; een Etruskische rite bij de stichting van een stad die door de Romeinen werd overgenomen en uitgebreid.

Kainua was een stad met een zeer regelmatig stratenpatroon, tempels en altaren, stenen kistvormige graven en stadspoorten. Zelfs een gedeelte van de bronwaterleiding werd teruggevonden. In Kainua putten huisbewoners water uit eigen bron, hadden bronswerkers en pottenbakkers atelier aan huis en offerde een zekere Lareke Niritalu ooit aan de godheid van de bron wiens naam we (nog) niet kennen.

In de vierde eeuw vC werd de stad verlaten, waarschijnlijk tijdens de invallen van de Kelten. Daarna werd de stad niet meer bewoond, hoewel in de omgeving wel Romeinse resten van een boerderij zijn teruggevonden. Het vergankelijke materiaal van Kainua verging en verdween als stof in de tijd. De Reno verlegde haar stroombed en daardoor knabbelde de rivier een groot deel van de ruïne-stad af. Nog meer (relatief modern) onheil teisterde de stad. In 1911 werden de vondsten van goud gestolen – ze zijn (nog) niet teruggevonden – en bommen aan het eind van de tweede wereldoorlog verwoestten het bestaande museumpje van Marzabotto. Vrijwel alle vondsten gingen toen verloren. Maar als een phoenix is het museum herrezen.

Marzabotto: een minimalistische ruïne wellicht, maar voor een archeoloog een heerlijk veld vol verleden!

beeld & tekst © conens & van wiechen drs. A. van Wiechen