Keizer  Hadrianus - zomer 128

© tekst & beeld  conens & van wiechen

Om orde en rust in de Noordafrikaanse provincie (Algerije-Tunesië) te garanderen, was het derde legioen Augusta vanaf 81 gelegerd in Lambaesis, het tegenwoordige Algerijnse dorp Tazoult. Een nabijgelegen heuvelrug Djebel Asker (Soldatenberg) herinnert in naam nog aan de aanwezigheid van het Romeinse leger. Bij hun aankomst bouwden de soldaten snel een provisorisch kamp om tenminste enige beschutting te hebben in dit toen nog vrijwel onbewoonde, maar strategisch belangrijke gebied. Grote ruwe steenblokken werden gebruikt voor de dikke muren van een rechthoekige (150m x 120m) legerplaats. De inrichting van het kamp is nog niet helemaal duidelijk; er zijn fundamenten van stenen gebouwen gevonden, maar niet overal binnen de ommuring. Wellicht dat veel soldaten in tenten bivakkeerden. De manschappen waren zeer actief in de eerste jaren van hun verblijf in Lambaesis; ze werden - naast de gebruikelijke veiligheidstaken - niet alleen ingezet bij de bouw van een groter en permanent kampement, maar ook hielpen zij bij de aanleg van de nabijgelegen steden, zoals Timgad en Zana. Eigenlijk werkten de soldaten daarmee aan hun eigen pensioen, want in deze nieuwe en grootse steden, die in de Romeinse tijd resp. Thamugadi en - heel toepasselijk - Diana Veteranorum heetten, brachten veel veteranen hun oude dag door.

Vanaf 123 was het legioen op bevel van de keizer ook bezig om een belangrijke weg aan te leggen en te verbeteren. Het lijkt logisch te veronderstellen dat Hadrianus, vertrekkend vanuit de haven in Ostia, in Carthago (Karthago) op Afrikaanse bodem aankwam en toen deze nieuwe weg nam en reisde via Dougga (Thugga), Mustis en Haïdra (Ammaedara) - al deze plaatsen liggen nu in Tunesië en hebben nog prachtige ruïnes. In Dougga was zeker één inwoner erg onder de indruk van de keizer; C. Pompeius Nahanius liet na zijn dood een halfrond tempeltje bouwen ter ere van Pietas Augusta (de vergoddelijkte deugd en vroomheid van de keizer). Via Tebessa (Theveste, Algerije), toen gelegen in bosrijk gebied, bezocht Hadrianus ongetwijfeld Colonia Marciana Trajana Thamugadi (Timgad; bijna vierkant ca.360m) een kwart eeuw eerder gesticht door Trajanus voor o.a. de veteranen van het derde legioen Augusta. Nu nog is het mogelijk Hadrianus te volgen door de straten van Romeins Timgad - dat nog steeds het indrukwekkende regelmatige stratenpatroon laat zien - naar het forum waar de stadsraad voor de keizer een grootse ontvangst organiseerde.

De bouw van een nieuw, permanent legerkamp (500m x 400m) van het derde legioen was waarschijnlijk nog maar net begonnen toen keizer Hadrianus eind juni 128 in Lambaesis aankwam. Hij werd ontvangen door Quintus Fabius Catullinus, die hem de verschillende legioensafdelingen in actie liet zien.

In het museumpje van Tazoult vonden we de grafreliëfs van de veteraan Geminus (rechts) en de 28-jarige soldaat "miles" Q. Iulius, broer van Rufus, Antistianus, Rufinus en Laudicia; een leuke gedachte dat wellicht beiden, Geminus en Q.Iulius, Hadrianus in eigen persoon hebben gezien.

De keizer en zijn gevolg zagen vanaf een heuveltje hoe de bedrijvige soldaten fanatiek oefenden en razendsnel een bijna vierkante kampomheining (200m x 200m) bouwden. Hadrianus was zeer onder de indruk van hun aanpak en had "ondanks de grote hitte, met erg veel belangstelling en plezier gekeken". In zijn redevoering was hij dan ook vol lof over Catullinus, de onderofficieren en de soldaten "die snel bevelen opvolgen en manoeuvres uitstekend uitvoeren" en die "in één dag zulke ver-schansingen bouwen waar anderen vele dagen over zouden doen!" Zo'n compliment van een keizer, die zelf een goed soldaat was, persoonlijk zieke soldaten moed insprak en niet opzag tegen het lopen van een dagmars met bepakking, moest in de herinnering blijven. Vandaar dat Catullinus midden in het speciaal voor Hadrianus gebouwde oefenkamp een monument liet plaatsen waarin de lovende keizerlijke woorden letterlijk werden ingebeiteld. Fragmenten van dit monument zijn teruggevonden en de inscriptie is eigenlijk een van de weinige échte teksten van Hadrianus die we kennen.

Misschien nam Hadrianus dezelfde weg terug naar Carthago, of reisde hij nog verder naar het westen, maar het is ook goed mogelijk dat hij een andere Romeinse weg direct naar het noorden nam. Hij zou dan het curieuze ronde mausoleum van Medracen hebben gezien; in Hadrianus' tijd was dit Numidische grafmonument al ruim driehonderd jaar oud. De vorm van het graf is afgeleid van het inheemse ronde bazina-graf, maar op Grieks hellenistische wijze tot een groots, bijna twintig meter hoog monument uitgewerkt. De stenen cilindrische onderbouw laat nog prachtig de decoratieve Dorische halfzuilen zien. Op deze onderbouw werd een afgevlakte kegel gebouwd waarop ongetwijfeld ooit een standbeeld stond. In het midden van de onderbouw ligt de grafkamer; deze heeft Hadrianus ongetwijfeld niet gezien. Toen moderne archeologen onderzoek deden, was het graf al geplunderd. Vandaar dat we de opdrachtgever van dit immense graf niet kennen; waarschijnlijk was het een familielid van Massinissa (Masinissa), koning van de Numidische Massyli (Masili), een van de berberstammen (imazighen), die eind derde eeuw vC de Romeinse kant koos tegen Carthago.

 

Na Medracen bezocht Hadrianus dan wellicht Constantine (Cirta), een van de rijkste steden van Afrika en geboorteplaats van Marcus Cornelius Fronto, een geleerde redenaar, "een nieuwe Cicero", die later op bevel van Hadrianus de opvoeding van de beoogde troonopvolgers ter hand zou nemen. Ook de weg van Cirta naar Skikda (Rusicade) aan de kust was net op bevel van de keizer door het derde legioen Augusta in 125/126 aangelegd; opnieuw voor de keizer een goede gelegenheid om de activiteiten van het leger zelf te bekijken.

Vanuit de haven van Rusicade of verderop vanuit die van Annaba (Hippo Regius) zeilde Hadrianus terug naar Ostia. De overtocht van Noord-Afrika naar Rome kon van korte duur zijn. Liet de oude Cato de senatoren in Rome niet een vijg zien die hij "drie dagen daarvoor in Carthago had geplukt".

 

Zeer waarschijnlijk was Hadrianus in augustus 128 weer terug in Rome; op de elfde van die maand vierde hij zijn "verjaardag van zijn regering". Waarschijnlijk dat hij toen ook de eretitel "Vader van het Vaderland" (PP of Pater Patriae) accepteerde; de keizer vond dat hij die titel, die de senaat hem al eerder wilde geven, nu pas écht verdiende.

Dit permanente legerkamp van het derde legioen Augusta dateert voor een groot gedeelte uit de derde eeuw; Hadrianus kan het dus niet in deze vorm hebben gezien.

Hij heeft als het ware de voorganger van dit hoofdgebouw betreden.

De hoofdtempel, het Capitool van Dougga kan Hadrianus niet in deze vorm hebben gezien;

de bouw startte pas 38 jaar na zijn komst.

Het halfronde tempeltje op de voorgrond is nog wel een herinnering aan Hadrianus.

Na vijf jaar aanhoudende droogte hebben de boeren van Noord-Afrika de hoop op een goede oogst al bijna opgegeven. Maar dan komt de keizer in eigen persoon en zie ..... het regent! Een bezoek van Hadrianus aan één van de provincies van zijn immens grote rijk was nooit onder gunstiger omstandigheden begonnen. In de bloedhete zomer van het jaar 128 wilde keizer Hadrianus zelf in Noord-Afrika het legioen inspecteren dat verantwoordelijk was voor de veiligheid binnen de grenzen. Hadrianus had immers de politiek van expansie van zijn voorganger Trajanus laten vallen en streefde naar grenzen die makkelijker verdedigd konden worden. Hiermee veranderde de taak van het leger; geen aanvallend leger meer, maar een leger dat veiligheid kon garanderen binnen een Romeinse provincie. Zeker in Noord-Afrika waar het in deze tweede eeuw booming-business was in de landbouw en weinig grote militaire acties van vijanden te verwachten waren, kon het leger weleens gemakzuchtig en lui worden. Vandaar dat Hadrianus er zeer aan hechtte met name de disciplina in alle legeronderdelen stevig ter hand te nemen en er alles aan deed om de soldaten en hun bevelhebbers scherp te houden. Hadrianus ging nu naar het Legio III Augusta ter inspectie.

naar andere

beeld-verhalen

 

 

Pietro della Valle

de Pelgrim

 ▼

de vliegende

Alexander de Grote

 ▼

de duif, de muis,

de kraai, de schildpad

& de gazelle

middeleeuwse

kloosterkerk Ste Foy

in Frankrijk

keizer Hadrianus

overzicht

seldsjoekse

karavanserais

in Turkije

Romeins Tiddis

in Algerije

Qusayr Amra in

Jordanië

Alexander de Grote

de mythen

wereldwonder

Mausolus' graf

legenden van

de heilige Nicolaas

Alexander

de Grote

stad van

de Omayyaden

Anjar in Libanon

Romeins Djemila

Cuicul in Algerije

fabeldier

griffioen

obelisk in hartje

Istanbul

Qasr al-Hallabat

in Jordanië

middeleeuwse  ver-

halen Ste Madeleine

in Vézelay

middeleeuws fort

Qalaat Salah ad-Din

in Syrië

verhaal uit

Kalila & Dimna

middeleeuwse

kloostergang in

Monreale, Sicilië

wereldwonder

Zeus in Olympia

Selimiye moskee

in Edirne

keizer Hadrianus

in Lambaesis,

Algerije

Palmyra in Syrië

en Zenobia

hofkapel van Roger II

in Palermo

vliegende

kippenboutjes

de dodendans van

La Chaise Dieu

Romeins Timgad

Thamugadi

in Algerije

wereldwonder

piramide van Egypte

Ibn Tulun

negende-eeuwse

moskee in Cairo

middeleeuws fort

Saranda Kolones

bij Paphos op Cyprus

Mérida

het Rome van

Spanje

mamluks Tripoli

in Libanon

jeugd van

keizer Hadrianus

al-Rifa'i moskee

in Cairo

oud vaarwater

Romeinse vuurtoren

La Coruña

divit schrijfgerei

van o.a. sultans

Jupiter van Heliopolis

Baalbek in Libanon

mozaïeken van

Romeins Bulla Regia

in Tunesië

Romeinse watermolen

Barbegal, Frankrijk

Hasan-moskee

mamluks complex

in Cairo

Apollo-orakel &

de pelgrims in

Didyma, Turkije

zgn. Bacchus-tempel

in Heliopolis

of Baalbek, Libanon

Boog van Constantijn

in Rome

I - hergebruik

II - stripverhaal

Richard Ford

1832 in Santiago

de Compostela

borduurwerk

in Turkije

Medina Azahara

tiende-eeuwse paleis-

stad bij Córdoba

Hattusa, hoofdstad

van de Hettieten

oud vaarwater

San Juan de Ortega

in Noord-Spanje

god Saturnus

in Noord-Afrika

kleurrijke aardewerk

Caltagirone op Sicilië

keizer Hadrianus

Graeculus

Keltiberisch

Numantia in Spanje

calvaires bretons

Bretagne

Heracles - Hercules

zijn twaalf werken

wereldwonder

Artemis in Ephese

onbekend juweeltje

Sta Maria della Strada,

Matrice in Italië

hippodroom van Constantinopel

Istanbul

Justinianus'

Hagia Sophia kerk

in Istanbul

wereldwonder

Babylon

Hadrianus in

Gerasa, Jordanië

middeleeuws strip-

verhaal in Fidenza

middeleeuws

Baalbek, Libanon

Romeins Aizanoi

in Turkije

pelgrim Ibn Jubayr

in Palermo, 1184

Romeins Myra in

Turkije

bedevaartplaats

Tebessa in Algerije

Pompeii

Huis van de Faun

Driekop in Tuscania,

Lazio, Italië

zesde eeuws mozaïek

in Ravenna

Apuleius'  Madauros

Algerije

middeleeuwse

maanden in Chartres

sjaalvogeltje

Roelant - Roland

kooi-vogeltje

de donkere pelgrim

in 1203 te

Constantinopel

Ottomaanse architect

Sinan

Romeins Volubilis

in Marokko

Haarlemse pelgrim

in 1611 te

Santiago de Compostela

Roestem Pasja moskee

in Istanbul

Dionysos aan het woord

San Zeno in Verona

of naar zwart-wit

fotografie Ruud Conens